|
Voor de meeste lezers van onze artikelen is de werking van
het Nederlandse langstlevende testament of de “wettelijke verdeling”
ondertussen vrij duidelijk. De langstlevende en de kinderen zijn
erfgenaam voor gelijke delen; vervolgens krijgt de langstlevende
alle goederen en schulden toebedeeld en krijgen de kinderen enkel
een vordering die pas bij het overlijden van de langstlevende
opeisbaar is. De vraag is echter wat er precies gedaan moet worden
bij het opeisen van deze vordering en het afwikkelen van de
nalatenschap waarin een dergelijke vordering moet worden opgenomen.
Zoals gebruikelijk verloopt dat in Spanje volledig anders dan in
Nederland.
Nederland
Een vordering op basis van de nalatenschap van de eerstoverledene
ouder wordt in de akte van de verdeling van de nalatenschap van de
langstlevende ouder door de notaris in Nederland in mindering
gebracht op het bedrag van de waarde van de totale nalatenschap.
Volgens het Nederlandse recht was dat bedrag immers een schuld van
deze nalatenschap die nog voldaan moet worden. Op basis van de
afwikkeling van de nalatenschap van de eerstoverledene wordt de
waarde berekend, al dan niet met een rentevergoeding voor de
tussenliggende jaren. Het bedrag dat overblijft vormt de
nalatenschap van de langstlevende. Over het bedrag van de vordering
is bij het overlijden van de eerste ouder al erfbelasting betaald
(door de langstlevende), dus het bedrag dat nu verrekend wordt komt
belastingvrij aan de kinderen toe.
Spanje
Spanje kent geen langstlevende testament en aanvaardt de vordering
van de kinderen op de nalatenschap welliswaar juridisch, maar niet
fiscaal, in het geval de kinderen ook de erfgenamen van de
langstlevende zijn. (Dit is immers niet altijd het geval;
bijvoorbeeld kan de langstlevende hertrouwd zijn of zijn vermogen
aan een ander dan zijn eigen kinderen nalaten.) Ter verduidelijking:
Als de kinderen de erfgenamen van de eerstoverledene ouder en van de
langstlevende ouder zijn, dan is het –volgens nederlands erfrecht -
correct dat de kinderen eerst een gedeelte krijgen ger grootte van
hun aandeel in de nalatenschap van de eerstoverledene. Vervolgens
krijgen zij hun erfenis van de langstlevende.
Als er verder geen erfgenamen zijn, dan maakt het in principe
natuurlijk niet uit op welke manier de kinderen eigenaar van het
volledige vermogen worden. Fiscaal gezien, zegt de Spaanse fiscus
echter, dat de kinderen als erfgenaam van de langstlevende “in diens
voetsporen treden” en zowel schuldenaar als schuldeiser zijn van
deze vordering. De Spaanse fiscus streept deze vervolgens tegen
elkaar weg en er is geen fiscaal voordeel meer. Kortom: de schuld
van de nalatenschap van de eerstoverledene is in Spanje niet
aftrekbaar.
Uitzondering
In die gevallen waarin de kinderen niet de erfgenamen van de
langstlevende zijn, of de langstlevende hertrouwd is en weer opnieuw
een langstlevende testament ten gunste van zijn tweede echtgenote
heeft gemaakt, is de vordering van de kinderen voortkomend uit de
nalatenschap van de eerstoverledene ouder ten eerste direct
opeisbaar, en vervolgens ook fiscaal aftrekbaar bij de afwikkeling
van de nalatenschap van de langstlevende. Het moge natuurlijk
duidelijk zijn dat de afwikkeling van dit alles niet eenvoudig is.
Het antwoord op de vraag hoe dit aan de Spaanse notaris
gecommuniceerd moet worden, opdat deze dit correct in de akte van
verdeling van de nalatenschap op kan nemen, en vervolgens op de
vraag hoe dit aan de Spaanse fiscus gecommuniceerd moet worden,
opdat deze duidelijk begrijpt dat er over een gedeelte van de
nalatenschap geen belasting betaald hoeft te worden, zijn natuurlijk
essentieel in dit geheel.
Conclusie
De schuld van de nalatenschap van de eerstoverledene is in Spanje
fiscaal gezien niet aftrekbaar. Enkel in het geval de kinderen van
de eerst overledene in Spanje niet de goederen uit de nalatenschap
van de langstlevende ontvangen, is de vordering fiscaal in mindering
te brengen op de waarde van de nalatenschap. |


 |