|
In een eerder artikel heb ik stilgestaan bij in Spanje
wonende gemengde echtparen. In dit artikel zal ik de door Europa
reizende echtparen beschouwen, oftewel echtparen die andere
residenties dan Spanje of Nederland hebben of hebben gehad, en in
die landen een testament hebben gemaakt. Voor de duidelijkheid van
dit artikel verwijs ik ook naar mijn artikel over het Haags
erfrechtverdrag, te vinden op: www.kompasconsulting.es/artikelen ,
waarin de conflictregels tussen verschillende landen behandeld
worden.
Nederland
Bij het opmaken van een testament bij de Nederlandse notaris door
een Nederlands echtpaar of een gemengd echtpaar, kan de Nederlandse
notaris op basis van het Haags erfrechtverdrag het Nederlandse
erfrecht op de nalatenschap van beide partners van toepassing
verklaren. Als een Nederlander vervolgens naar Spanje verhuist, zal
de Spaanse notaris de verwijzing naar zijn nationale recht gewoon
aanvaarden. Als echter de nalatenschap van een buitenlander in
Spanje moet worden afgewikkeld, zal de Spaanse notaris de verwijzing
door bijvoorbeeld een Belg naar Nederlands erfrecht (dubbele
verwijzing) niet aanvaarden, en terugvallen op de nationale
wetgeving van de overledene. Een door een Spanjaard of Duitser in
Nederland opgesteld langstlevende testament zal dan met de (eventuele)
legitieme portie van hun nationale wetgeving gecorrigeerd moeten
worden, in het geval er bijvoorbeeld kinderen zijn. Het gedeelte van
de nalatenschap van deze “buitenlander” dat in Nederland is gelegen,
wordt overigens wel volgens het Nederlandse erfrecht afgewikkeld.
Daar is dus enkel in Nederland het langstlevende testament weer wel
van toepassing, want volgens de in Nederland geldende conflictregels
is de rechtskeuze voor wat betreft de in Nederland gelegen goederen
gewoon correct. (Ik kan me voorstellen dat dit allemaal nogal
ingewikkeld lijkt; dat is het ook.)
Andere landen
Als een Nederlander of gemengd echtpaar in een ander Europees land
woont, of aldaar goederen heeft, dan zal er bij de (gedeeltelijke)
afwikkeling van de nalatenschap gekeken moeten worden naar de in dat
land geldende conflictregels. Zo stellen België, Frankrijk en Groot
Britannië dat op alle in die landen gelegen onroerende goederen de
locale nationale wetgving van toepassing is, terwijl Spanje, Italië
en Duitsland terug verwijzen naar de nationaliteit van de overledene.
België, Frankrijk en Groot Britannië verwijzen voor onroerende
goederen in andere landen naar de wetgeving van dat land en voor wat
betreft de roerende goederen (onder meer de bankrekeningen) naar de
geldende wetgeving in de woonplaarts van de overledene, daar waar
Italië, Duitsland en Spanje altijd hun nationale wetgeving van
toepassing willen verklaren.
Zo kan het gebeuren dat een met een Nederlander getrouwde Duitse in
Nederland een langstlevende testament kan laten opmaken; vervolgens
in Frankrijk gebonden is aan het Franse erfrecht (en dus de kinderen
hun legitieme portie moet uitbetalen), in Engeland volledige
vrijheid van opmaken van het testament heeft, en vervolgens in
Spanje enkel volgens de regels van het Duitse erfrecht haar
testament kan opmaken. (Begrijpt u het nog ?) Dit Duitse erfrecht
kent overigens een vergelijkbare figuur als ons langstlevende
testament. Als deze mevrouw haar testament steeds enkel voor de
goederen van het land van haar verblijf opmaakt, hebben we bij haar
overlijden te maken met een superchaotische nalatenschap. In een
conflictsituatie zijn de problemen dan niet te overzien.
Conclusie
Bij het opmaken van een testament in verschillende landen, zal de notaris van elk land zijn “eigen” conflictregels in beschouwing
nemen, en geen rekening houden met die van andere landen. Alle
testamenten zullen hun geldigheid hebben in het land waarin ze
getekend zijn. Tesamen kunnen zij echter een complex geheel vormen, |


 |