|
LANGSTLEVENDE TESTAMENT
In Nederland is “het langstlevende testament” een lang bestaand
begrip. Dit testament werd veelvuldig gemaakt door gehuwde echtparen
met kinderen. Zelfs zó veelvuldig, dat met ingang van 1-1-2003 de
Nederlandse wet voorschrijft dat een nalatenschap óók op die manier
onder de erfgenamen moet worden verdeeld als de overleden ouder géén
testament heeft gemaakt. Sinds deze wetswijziging wordt dit de “wettelijke
verdeling” genoemd. Daarnaast kan een wettelijke verdeling ook
gewoon in een (langstlevende) testament worden opgenomen. Maar is
deze wettelijke verdeling nu wel zo gunstig voor Nederlanders in
Spanje?
Belasting
Het antwoord op deze vraag wordt bepaald door de belasting die
uiteindelijk over de nalatenschap betaald moet worden. De wettelijke
verdeling werkt als volgt. In een familie met kinderen worden de
echtgenoot en de kinderen meestal voor gelijke delen tot erfgenaam
aangewezen. Vervolgens worden alle goederen aan de langstlevende
toegewezen, en ontvangen de kinderen enkel een vordering die pas bij
het overlijden van de langstlevende opeisbaar is. In de praktijk
betekent dit dat de langstlevende als enige persoon recht heeft op
de bezittingen, zodat deze op zijn of haar naam moeten worden
overgeschreven. De Spaanse fiscus zal dan concluderen dat de
langstlevende feitelijk de enige erfgenaam is, en deze zal belasting
moeten betalen over het totale bedrag van de nalatenschap.
De Nederlandse fiscus concludeert daarentegen dat de langstlevende
ouder wel degelijk een schuld heeft aan de kinderen! Bij overlijden
van de langstlevende wordt deze schuld dan ook van de bezittingen
afgetrokken, zodat de nalatenschap kleiner wordt. Bij overlijden van
de langstlevende kunnen de schulden in Spanje echter niet worden
afgetrokken. In Spanje kan deze echter niet worden afgetrokken. De
Spaanse fiscus redeneert dat een erfgenaam de schulden van de
erflater ook overneemt. Zo krijgen de kinderen een schuld aan
zichzelf. Volgens de Spaanse belastingwetten wordt men zo
schuldenaar en schuldeiser en wordt de vordering weggestreept.
Een voorbeeld
Het voorgaande zal duidelijker worden met een rekenvoorbeeld. Hier
gaan we uit van de situatie van een Nederlands echtpaar met 3 in
Nederland wonende kinderen. Ze hebben een langstlevende testament,
zijn geen resident in Spanje en hebben een gezamenlijk vermogen in
Spanje van 1.000.000 euro. In 2009 komt de man te overlijden.
Fiscaal gezien wordt de weduwe de enige erfgename, en moet over het
vermogen van 500.000 euro een bedrag aan successierechten van
107.000 euro betalen (de andere 500.000 euro waren al van haar). In
het geval de kinderen ook voor gelijke delen meegeërfd hadden, zou
het totale bedrag aan successierechten 64.000 geweest zijn.
Stel nu dat in 2010 de moeder ook overlijdt. Dan begint het probleem
pas! De moeder was eigenaar geworden van het volledige
familievermogen van 1.000.000 euro. Zoals gesteld kunnen de
vorderingen niet worden afgetrokken, en de kinderen ontvangen elk
een bedrag van 333.333 euro, waarover in totaal 181.000 euro aan
successierechten betaald moet worden. Binnen een jaar is het
familievermogen naar de kinderen overgegaan met een totale betaling
van successierechten van 288.000 euro !!! In het geval de kinderen
in de nalatenschap van de vader al hadden meegeërfd, zou de moeder
bij haar overlijden nog een vermogen hebben van 625.000 euro. (Haar
eigen helft van €500.000 en 125.000 euro uit de nalatenschap van de
vader.) De kinderen ontvangen nu elk 208.333, waarover 91.000 euro
aan successierechten betaald moet worden. In dit geval is het familievermogen overgegaan op de kinderen onder betaling van 155.000
euro aan successierechten!!! Een verschil van 133.000 euro. |


 |