|
GEREREGISTREERD PARTNERSCHAP: EEN DUBBELE RAMP
In Nederland is het geregistreerde partnerschap gelijkgesteld aan
een huwelijk: de partners hebben dezelfde rechten en plichten als
echtgenoten. Ook in Spanje bestaat het geregistreerde partnerschap.
In hoeverre komen de juridische en fiscale gevolgen overeen met die
in Nederland bij het afwikkelen van een nalatenschap ? Hoe zit het
met de rechten voor in Nederland geregistreerde partners als er één
komt te overlijden? Hier zal ik uiteenzetten dat dit één grote
lijdensweg is.
Registratie
In Spanje wonende Nederlanders kunnen zich nog in Nederland in de
burgerlijke stand als geregistreerd partner laten inschrijven.
Inschrijven in het Spaanse register is echter niet mogelijk. De
registratie van partners geschiedt bij de autonomieën. In de
Comunidad Valenciana bestaat een speciaal register voor zogenaamde “parejas
de hecho”, bijgehouden door de Generalitat. Eén van de voorwaarden
is dat één van de twee partners (in het geval van inschrijving in
het register van Valencia) van Valenciaanse afkomst is. Een
Spanjaard verkrijgt dit “Valenciaanse burgerschap” (vecindad
valenciana) na een verblijf van tien jaar in de Comunidad. Als
Nederlander kan dit burgerschap niet verkregen worden. Registratie
wordt zo dus onmogelijk voor Nederlandse partners.
Civielrechtelijke gevolgen
In het geval beide partners Nederlander zijn en in Nederland zijn
geregistreerd, en één van de partners overlijdt, dan heeft de ander
recht op de nalatenschap in de situatie dat er geen testament was
opgemaakt. Dit noemen we een civielrechtelijk gevolg. (We laten voor
het gemak even buiten beschouwing of er kinderen waren.) De
langstlevende partner heeft deze rechten volgens de Nederlandse wet,
als die op zijn nalatenschap van toepassing is. Daar zit precies het
eerste probleem. Op de nalatenschap van een Nederlander die al
langer dan vijf jaar onafgebroken in Spanje woonde, is het Spaanse
erfrecht van toepassing als deze persoon in een testament niet
expliciet voor het Nederlandse erfrecht heeft gekozen. Het Spaanse
recht bepaalt in dat geval dus wie de erfgenamen zijn. Het Spaanse
nationale recht reguleert het partnerschap niet; dat doen de
Comunidades Autónomas. Op enkele autonomieën na, zoals bijvoorbeeld
Catalonië, hebben deze echter geen competentie om de
civielrechtelijke gevolgen van het partnerschap vast te leggen. Op
dit moment zijn er dan ook geen civielrechtelijke gevolgen. Met
andere woorden: geregistreerde partners hebben
geen rechten ten opzichte van elkaar in het geval van
bijvoorbeeld een nalatenschap. Oftewel, twee Nederlanders die in
Nederland een geregistreerd partnerschap hebben vastgelegd en
volgens de Nederlandse wet erfgenaam van elkaar zijn, maar geen
testament hebben gemaakt, of in hun testament niet voor de
toepassing van het Nederlandse recht hebben gekozen, zijn na een
verblijf van vijf jaar in Spanje geen volledig erfgenaam meer van
elkaar !!! In het geval er geen testament is, ontvangt de partner
zelfs niets. Het kan dus gebeuren dat na vijf jaar verblijf in
Spanje van de ene op de andere dag de partner geen volledig
erfgenaam meer is, maar dat het grootste gedeelte van de goederen
naar de kinderen, ouders of broers van de overledene gaat. Het
opmaken van een testament waarin voor Nederlands erfrecht wordt
gekozen kan dit rampscenario voorkomen.
Fiscale gevolgen
Maar dan zijn de problemen nog lang niet van de baan. Via een
testament kan de langstlevende partner wel erfgenaam worden, maar de
Spaanse fiscus stelt dat ook in dat geval de twee partners volledige
vreemden van elkaar zijn, en bestraft dat zwaar via de belasting
over de nalatenschap; de successierechten. Er kan door de
langstlevende geen enkele korting worden verkregen, en het
uiteindelijk toe te passen belastingspercentage zou in de hoogste |


 |